Passende routes voor nieuwkomers

Passende routes voor nieuwkomers

Op 1 oktober 2018 volgde vijftien procent van alle twaalf- tot achttienjarige statushouders die in 2014 hun verblijfsvergunning ontvingen, praktijkonderwijs. Dat is aanzienlijk meer dan het gemiddelde van drie procent. Het opleiden van statushouders vergt bovendien speciale aandacht van pro- en vso-scholen.

Bij het onderwijs aan statushouders komt het praktijkonderwijs een aantal hindernissen tegen:

• Binnen het pro is een groep NT2’ers die op het ISK niet het niveau haalde om door te stromen naar het mbo. Een deel gaat via de entreeopleiding door naar mbo-2 en haalt daar zijn inburgering. Een ander deel zijn echte pro-leerlingen, die vanuit het pro kunnen uitstromen naar de arbeidsmarkt. Zij verlaten met achttien jaar de school, maar zijn nog niet ingeburgerd.

• Veel van deze leerlingen kiezen voor het mbo terwijl dat niet de beste optie is, omdat het niet past bij hun vermogens en begeleidingsbehoefte. Gevolg is dat ze hun opleiding stoppen (en dus ook de inburgering).

• Statushouders en hun ouders spreken en schrijven slecht Nederlands, maar de groepen op pro-scholen zijn soms te klein om T2-programma’s te bieden. Ouders en leerlingen begrijpen vaak niet dat met een beperking niet alles mogelijk is. Vrijstelling voor inburgering door een beperking (ZML) is lastig.

• Leerlingen die kiezen voor arbeid, moeten apart voldoen aan hun inburgeringsplicht. Dit is niet eenvoudig naast een baan en deze leerlingen slagen vaak niet.

Positief is dat de nieuwe Wet inburgering aandacht heeft voor deze groep statushouders. Zij besteden vanaf 1 juli 2021 meer tijd aan het leren van Nederlands, zelfredzaamheid en participatie n de samenleving. Ook zij sluiten voortaan hun inburgering af met een certificaat.

documenten.