Vanuit het landelijk kwartiermakerschap – Patrick Hallink blikt vooruit

27-06-2025
Patrick Hallink

De afgelopen jaren lag de focus vooral op het opbouwen van het netwerk: Zorgen dat er in iedere arbeidsmarktregio een netwerkcoördinator aanwezig is die de pro- en vso-scholen vertegenwoordigt aan de juiste tafels en de samenwerking in de regio versterkt en borgt.

Nu dat landelijke netwerk staat en elke regio een coördinator heeft, kunnen we onze aandacht volledig richten naar de verdere ontwikkeling van de inhoudelijke thema’s. 

Speerpunten voor de komende periode
Wat betekent dat concreet in de regio’s? Gedurende de komende periode staan er drie onderwerpen centraal: aanvullende loopbaanbegeleiding in het kader van de Wet Van school naar duurzaam werk, beschut werk en dagbesteding. Deze zal ik hieronder even toelichten. 

  • Speerpunt 1 – Aanvullende loopbaanbegeleiding

Een van de belangrijkste speerpunten is en blijft dat netwerkcoördinatoren goed zijn aangehaakt aan de wet van regionale plannen in het kader van de Wet Van school naar duurzaam werk. 

Het is mooi om te zien dat netwerkcoördinatoren in steeds meer regio’s echt aan de juiste tafels zitten, niet alleen om mee te denken over de plannen, maar ook om de belangen van pro- en vso-scholen goed te vertegenwoordigen. 

Daarbij is het organiseren van de aanvullende loopbaanbegeleiding in de praktijk nog wel een puzzel. Wie neemt wanneer het stokje over? En hoe wordt die overdracht tussen school en gemeente (of andere partijen) geregeld? Dit zijn vragen die in veel regio’s nog om uitwerking vragen. Precies daarom is het zo belangrijk dat er netwerkcoördinatoren zijn: Zij zijn bij uitstek de mensen die deze afstemming lokaal en regionaal kunnen begeleiden en vormgeven. Daarnaast kunnen zij scholen helpen het beleid te formuleren over de aanvullende loopbaanbegeleiding. Door goede voorbeelden op te halen en te delen. 

Daarnaast verkennen netwerkcoördinatoren samen met partners hoe de nieuwe wet zich verhoudt tot de bredere hervorming van de arbeidsmarktregio’s. Ook dat vraagt goede samenwerking, afstemming en maatwerk per regio.

  • Speerpunt 2 – Beschut werk 

Naast loopbaanbegeleiding is ook beschut werk een belangrijk speerpunt voor de komende periode. We willen niet alleen de bestaande routes in beeld houden, maar juist actief verkennen hoe we een goede uitstroom richting beschut werk beter kunnen borgen in de regionale plannen, bij grote voorkeur ook naar plekken bij reguliere werkgevers.

Dat is nog een uitdaging, maar tegelijk ook een kans. Juist daarom is het belangrijk dat we dit in de komende periode stevig op de agenda houden. Netwerkcoördinatoren spelen hierin een belangrijke rol: Zij kunnen in nauwe samenwerking met de gemeenten en werkgevers verkennen hoe beschut werk op een duurzame manier ingebed kan worden in de regionale uitvoering van de nieuwe wet.

  • Speerpunt 3 – Dagbesteding

Voor een groot deel van de leerlingen in het pro- en vso-onderwijs is dagbesteding de meest passende vervolgstap na school. Belangrijk daarbij is dat jongeren de kans krijgen op een goede wenperiode bij een dagbestedingslocatie, zodat zij op een passende manier kunnen wennen aan de nieuwe omgeving en werkwijze.

In de praktijk blijkt echter dat dit niet altijd lukt. Scholen lopen tegen belemmeringen aan, bijvoorbeeld omdat instellingen kosten rekenen voor een wenperiode, die niet worden vergoed. Dit maakt het moeilijk om leerlingen een eerlijke en goed voorbereide start te bieden. 

Het onderwerp kreeg landelijke aandacht via een motie in de Tweede Kamer: Kamerlid Oosterbrink heeft de regering verzocht te onderzoeken hoe de mogelijkheden voor wenperiodes in de dagbesteding voor pro-leerlingen kunnen worden verbeterd. Aanleiding is dat veel pro-scholen moeite hebben om zulke wenperiodes goed te organiseren. (Bron: Motie van het lid Oosterbrink, Tweede Kamer, 22 mei 2025, nr. 822)

Binnen het netwerk van coördinatoren wordt dit vraagstuk actief opgepakt. Kartrekkersgroepen buigen zich over dit en andere thema’s, zodat ervaringen en knelpunten uit de regio’s vertaald kunnen worden naar de landelijke agenda.

Vanuit deze groepen worden de sectorraden gevoed, die namens de scholen het gesprek voeren op landelijk niveau. Dit is een belangrijk uitgangspunt in de werkwijze van het netwerk: De coördinatoren zijn er voor de sectorraden, niet om zelfstandig beleid te maken, maar om signalen, ervaringen en oplossingsrichtingen uit de praktijk terug te koppelen aan het landelijke overleg.

Praktijkroutes: Brug tussen school en kansrijke sectoren
Een ontwikkeling waar we op dit moment veel kansen in zien, is de inzet van praktijkroutes. Binnen het netwerk vso-pro draait het om arbeidstoeleiding. Onze netwerkcoördinatoren zetten zich daar dagelijks voor in. Eén partij is daarin onmisbaar; de werkgevers. Zij zijn de sleutel tot succes bij de stap naar werk.

Hoewel er in veel regio’s kansen zijn voor jongeren uit het vso en pro, vraagt het nog altijd om een goede aansluiting op de sectoren waar écht werk te vinden is. De uitdaging is dan ook: Hoe brengen we scholen, werkgevers en kansrijke beroepen bij elkaar?

De methodiek praktijkroutes helpt bij het beantwoorden van die vraag. Door met elkaar haalbare en bereikbare banen voor jongeren in kaart te brengen en deze structureel vast te leggen, ontstaat er zicht op concrete mogelijkheden. Daarmee bouwen we aan bruggen tussen de scholen en kansrijke sectoren in de regio. 

De komende periode worden de volgende praktijkroutes uitgewerkt. 

  1. Zorg assistent
  2. Medewerker groenvoorziening
  3. Medewerker facilitaire dienst
  4. Assistent monteur binnenklimaattechniek 

We houden jullie op de hoogte van deze ontwikkelingen. 

Fijne zomerperiode gewenst!